| |
| [LovLab] [inleiding] [foto] [uitvoering] [achtergronden] [pers] [medewerkers] |
 |
 |
 |
'The Love Lab'
In 1986 startte dr. J. Gottman het 'Relationship Research Institute'
aan
de 'Universiteit van Washington'. Zijn onderzoek, waarin paren
werden geobserveerd en geïnterviewd, kreeg wereldbekendheid
en zijn psychologisch laboratorium verwierf de bijnaam 'The Love
Lab'. Gottman gebruikte video, mat hartslag en huidgeleiding,
en verwerkte zijn gegevens via wiskundige modellen. Hij kwam tot
een index, een soort Dow Jones voor relaties.
Zijn conclusie was verbazingwekkend simpel: liefde draait om het
afgeven van positieve signalen. Als er vijf keer meer positieve
signalen worden afgeven dan negatieve, ook tijdens bonje, blijft
alles goed gaan en ziet
de relatie er voor de rest van het leven rooskleurig uit. Aldus
Gottman¹ |
|
 |
'LovLab'
Prof. dr. Maurice Van Zandbergen, wetenschappelijk medewerker
aan de 'Universiteit van Beemsterzwaagh', volgde jarenlang nauwgezet
de verrichtingen van zijn Amerikaanse collega tot hij in 2002
tot de opzienbarende ontdekking kwam om onderzoek en resultaat
om te draaien: "Wanneer wij onze proefpersonen onder een
berg positieve signalen bedelven komt er vanzelf een prachtige
relatie uit voort. Voilà, c'est ça!" |
 |
 |
 |
Van Zandbergen experimenteeerde onder studenten
aan de 'Universiteit van Beemsterzwaagh'.
De gevolgen zijn alom bekend, ruim 70% van de proefpersonen raakte
in een warme roes van verliefdheid die door niets en niemand te
verstoren leek. De universiteit stond op zijn kop en Van Zandbergen
was in de wolken. Zijn 'LovLab' was geboren
(zie ook het Russisch LovLab).
Opgetogen kondigde hij in 2005 een mobiele versie aan, 'LovLab'[6],
waarmee hij "de wereld zou veroveren en een einde zou maken
aan oorlog, honger en armoede." Van Zandbergen's missie laat
sindsdien een onuitwisbaar spoor van verliefdheid na, het resultaat
van zijn werk breidt zich als een grote roze vlek uit over de
kaart van Nederland en België. (zie persberichten) |
|
 |
 |
'Theater van
de Verloren Tijd'
Wij, Sjon Brands en Dorith van der Lee, richten ons op vormen waarin
theater en poëzie elkaar ontmoeten. Taal is voor ons communicatie
en contact met mensen. Wij hebben meer dan 500 prachtige gedichten
uit ons rijke culturele erfgoed uit het hoofd geleerd òm
daarmee te kunnen communiceren, òm die tot
leven te brengen in direct contact met mensen. En waarbij de liefde
tussen mensen in al haar verscheidene verschijningen
een onuitputtelijke inspratiebron voor ons werk vormt. |
|
|
| |
 |
 |
 |
Taallaboratorium
Het LovLab is voor ons een taallaboratorium. Is het mogelijk om
via poëzie te communiceren? Ook al zijn dat klassiekers of
abstracte gedichten? In zijn algemeenheid is het antwoord een volmondig
'ja', maar praktisch moet dat iedere keer opnieuw uitgevonden worden.
Ook al geven mensen ons een handreiking via de woorden, foto's of
de voorstelling die zij kiezen, dan nog is het gedicht en de wijze
waarop wij dat brengen sterk afhankelijk van de persoon voor ons,
de mensen om ons heen, de tijd, de plaats, het weer en de omstandigheden
waarin wij verkeren. Dat maakt het iedere keer anders, spannend
en inspirerend. En vooral dankbaar om te doen. |
 |
De nieuwe buitenvoorstelling, bouwend op ervaringen
met 'Uur
U' en 'deVriendenkamer',
is een voortdurende ontdekkingsreis. Wij werken met onze mooie 'verzameling
gedichten' van na 1850 en het is verbazingwekkend dat wij daarmee
- naast het vertrouwde geletterde publiek - ook jongeren op popfestivals,
mannen met tattoes en vrouwen met krulspelden bereiken. |
| In de binnenvoorstellingen zijn we nog een stap verder
gegaan. Wij hebben zo'n honderdtachtig gedichten versneden tot vier
korte sessies simultaanpoëzie met als thema de liefde. Wij
hebben onszelf als acteurs vrijwel weggecijferd, het is bijna geen
theater meer. Het zijn de toeschouwers die de voorstelling vormen
terwijl zij naar elkaar kijken en luisteren naar de schoonheid van
onze taal. En die pracht blijkt een betoverende kracht. Het is ontroerend
om te zien wat zich binnen het LovLab afspeelt. Het blijkt gewoon
te werken! En dàt hadden wij bij het maken van deze voorstelling
nauwelijks durven dromen. |
|
|