![]() |
| Gedichten 'De wijde vlinderveluwheid' | ||
| (dichter) | (titel) | (eerste regel) |
| 1. | (3 minuten) (opening) | De wijde vlinderveluwheid |
| anoniem | * | Hebban olla vogala nestas bigunnan |
| K. Schippers | Iedereen | Iedereen doet het met iedereen |
| Herman Gorter | * | GIJ zijt een stille witte blinkesneeuw |
| Eddy van Vliet | Verliefd (fragment) | Zo gaat het, zo ging het en zo zal het altijd gaan |
| Henk Spaan | * | Treurig liep hij door het woud |
| 2. | (3 minuten) (onbekende liefde) | Voor de liefste onbekende |
| Cees Buddingh’ | Nogmaals de mens | de mens is een vreemd wezen |
| * BD / JG / AM / JZ | Dat kijken zoveel liefs vermag (samenstelling) | Ik zou u veel willen / Ik zou haar willen kennen |
| Ingmar Heytze | Voor de liefste onbekende | Wat ben ik blij dat ik je nog niet ken |
| 3. | (6 minuten) (jong & liefde) | Mij is nooit iets overkomen |
| * Evert van IJdic | Vrij naar Yvonne Kroonenberg (dialoog) | Alle mannen willen maar een ding / maar |
| Wilbert Cornelissen | Kinderlandschap 8 | Op de breuklijn van zand en klei |
| * Simon Carmiggelt | De schooljuffrouw (dialoog) | Ze heette juffrouw Vis en had geen man |
| Hypoliet Terwater | Laarsjes | Als je onverwacht wakker wordt |
| Gerrit Achterberg | Het meisje en de trom | Zij had een trom gevonden om te slaan |
| Willem Wilmink | Mij is nooit iets overkomen | Knuffelen of paardje rijden |
| Ingmar Heytze | Dilettant | Als je het mij vraagt |
| 4. | (4 minuten) (lieflijk) | Je had nog teddyberen op je bed |
| * Toon Hermans | * (dialoog) | Lief bijtje / zei de bij |
| Herman Gorter | * | De lucht was fijn. Avond. Zon weg. |
| * SH / MB | De teddyberen (samenstelling) | Je had nog teddyberen / toen ons gesprek |
| Hans Lodeizen | Toen ik de middagen | Toen ik de middagen in zijn kamer |
| * Herman de Coninck | * (dialoog) | O, ik weet het niet / kijk, een vogel |
| Hans Andreus | * | Je bent zo mooi anders |
| Herman de Coninck | * | Je ligt nog te bed onder mijn laatste zoen |
| 5. | (5 minuten) (liefdesverklaringen) | Je bent als dauw op lover |
| Martin Bril | Liefdesgedicht | Ik wil met jou alleen |
| K. Schippers | Ja | Ik heb je lief zoals je soms gelijk een |
| * JS / HM | Bedwelmende bloemen (samenstelling) | Morgen rijd ik met / Laat mij in uwer haren |
| Herman Gorter | Zie ik hou van je | Zie ik hou van je |
| Judith Herzberg | Je zoenen zijn | Je zoenen zijn zoeter dan |
| * Hypoliet Terwater | Liefdesgedicht (dialoog) | Je bent als dauw op lover / de doom van |
| 6. | (5 minuten) (vrijen) | Een stoombootje in de mist erna |
| Judith Herzberg | Eerst komt het wachten | Eerst komt het wachten, het verheugen, |
| Leo Vroman | Ik wou | Ik wil zoals ik dat eeuwigjes even klein |
| Anton Korteweg | In de mist | Je kan het vaak doen of minder |
| J.C. van Schagen | Ook familie | Boven in de bergen daar ligt |
| Herman de Coninck | Fréderique of hoe ik geschiedschrijver werd | 20 december 1965, de zon staat te blozen |
| * LW / SH | Opblaaspop (samenstelling) | Vandaag kocht ik / Nee, niet mijn benen |
| 7. | (5 minuten) (hartstocht) | Behoud de begeerte |
| Driek van Wissen | * | Toen Adam Eva had ontdekt |
| Hugo Claus | Behoud de begeerte | Behoud de begeerte. Vergeet waarvoor |
| Aleidis Dierick | Tederheid zal ik u noemen | Gij maakt mij wilder wilder dan gras |
| Neeltje Maria Min | Dit is de laatste avond | Dit is de laatste avond dat wij spreken |
| Anneke Brassinga | Aanzoek | Ik ben al vaak door mezelf op straat gezet |
| * HC / JE / HL / JS | Zullen wij spelen? (samenstelling) | Je slaapt in de herinnering / Voel je hoe ik |
| 8. | (5 minuten) (huwelijk) | Het Huwelijk |
| Godfried Bomans | * | Had mijn vrouw maar een zo’n been |
| * Jules Deelder | Logisch (dialoog) | Ken jij dat stel daar / Jazeker. Die zijn |
| Gerard Reve | Liefde | Eindelijk heeft Joseph het bij mij gedaan |
| A. Marja | Huwelijk | Ik heb je alles gegeven. Een gedicht |
| Lizzy Sara May | Huwelijk | We zullen een lief lichtblauw dienstmeisje |
| Anton Korteweg | Huwelijk | Ik ben verbonden met een apparaat |
| Judith Herzberg | Hij deed zijn best | Hij deed zijn best maar in acht jaar |
| Willem Elsschot | Het huwelijk | Toen hij bespeurde hoe de nevel van de tijd |
| Hans Dorrestijn | Huiselijke omstandigheden | Zelfs Christus aan het kruis |
| Hans Dorrestijn | Onthouding | Ik kan dansen, ik kan zingen, |
| 9. | (5 minuten) (sublieme momenten) | De sublieme momenten |
| M. Scheepmaker | Zin | Alles heeft zin, behalve mijn vriendin |
| * Gerrit Achterberg | Vervulling (dialoog) | Het beste van voor jaren / Regent het? |
| Cees Buddingh’ | De Kwabbeldras | De kwabbeldras staat op zijn rots |
| K. Michel | Inblazing | Als iemand die van je houdt niet van je |
| Sylvia Hubers | Het zomert | Het zomert al een beetje |
| Hypoliet Terwater | Het meisje van de vaat | Vannacht is de nacht de nacht |
| Jan J. Pieterse | Je hebt iemand nodig | Uiteindelijk kwam hij er tot zijn |
| Martinus Nijhoff | Het tuinfeest | De Juni-avond open een hoog licht |
| 10. | (5 minuten) (afscheid) | Ik was je kwijt voordat ik je bezat |
| Léve Weemoedt | * | Ik was dronken toen ik je ontmoette |
| Jean Pierre Rawie | Dit alles | Ik was je kwijt voordat ik je bezat |
| Patricia de Martelaere | Roodkapje en de (boze) wolf | Waarom mijn lippen zo rood zijn |
| Jean Pierre Rawie | Vervulling | Nu zelfs mijn natste jongensdromen |
| Hanny Michaelis | Met de jaren | Met de jaren moet er veel worden weggegooid |
| Remco Campert | Ook de liefde | Ja zij die de liefde maken tot |
| Rutger Kopland | Weggaan | Weggaan is iets anders dan het huis |
| Adriaan Roland Holst | Eens | Eens zullen allen die tussen ons kwamen |
| 11. | (6 minuten) (heimwee) | Mijn lief mijn lief o waar gebleven |
| Judith Herzberg | Vraag | Hoe is dat zo geworden van altijd |
| Hester Knibbe | Zoiets simpels | Het vaak zoiets simpels het is gemis |
| Hans Warren | Bekentenis | Met zoveel liefde heb ik van je gehouden |
| Toon Tellegen | Kom terug | Kom terug. Als ik die woorden eens zo |
| Hypoliet Terwater | De pimpelmees | De pimpelmees hij baggert dronken dronken |
| J. Presser | * | Je lippen die ik heb gekust |
| J.H. Leopold | * | Om mijn oud woonhuis peppels staan |
| Cees Buddingh’ | De blokfluithaas | Als zijn vrouwtje met haar lepels |
| 12. | (6 minuten) (oud worden / vergeten) | Het Korsakov Quintet |
| J.A. Emmens | Futurologisch | Mijn vader was verhuisd, verschoven |
| * Hypoliet Terwater | Het Korsakov Quintet (dialoog) | Goedenavond / Vaardig bevazen vlijtige |
| 13. | (5 minuten) (dood) | Wanneer ik morgen doodga |
| Cees Buddingh’ | Grafschrift | Hier ligt Gijs van Amerongen |
| Hans Andreus | Voor een dag van morgen | Wanneer ik morgen doodga vertel |
| Ida Gerhardt | De gestorvene | Zeven maal om de aarde te gaan |
| J.H. Leopold | * | O als ik dood zal dood zal zijn |
| Bert Schierbeek | Ik denk | Ik denk als het regent laat ze niet |
| Hugo Claus | Caligula | Waar later reseda’s en radijzen bloeien |
| Jan van Nijlen | Geloof | Nu alles faalt heeft dit alleen nog waarde |
| Rutger Kopland | Ga nu maar liggen | Ga nu maar liggen liefste in de tuin |
| 14. | (3 minuten) (slot) | Ik heb u lief, het is zoals het is |
| * Gerrit Achterberg | Gij zijt bij mij de nacht (samenstelling) | Gij zijt bij mij de nacht / Ik heb vannacht |
| * Jan Hanlo | Zoals de koelte ’s nachts (samenstelling) | Zoals de koelte ’s nachts / zoals de lauwe nacht |
| * = samenstelling / dialoog | * = geen titel | |
| Gebruikte afkortingen: BD = Bernard Dewulf, JG = Jo Govaerts, AM = Adriaan Morriën, JZ = Joost Zwagerman, SH = Sylvia Hubers, MB = Machteld Boussemaere, LW = Lévy Weemoedt, JS = J. Slauerhoff, HM = Hendrik Marsman, HC = Herman de Coninck, JE = J.G. Elburg, HL = Hans Lodeizen | ||
| Tijdens 'De wijde vlinderveluwheid' op de Kerkeindse Heide in Tilburg, najaar 2008, gebruiken we 9 van de 14 sets, telkens in andere samenstelling. | ||